|
emigratie • de aanloop
juni t/m augustus 1999: drie maanden Dublin
|
||
|
lopend dagboek dagboek 2006 05 04 03 02 01 2005 12 11 10 09 08 07 06 05 04 03 02 01 2004 12 11 10 09 08 07 06 05 04 03 02 01 2003 12 11 10 09 08 07 06 05 04 03 02 01 2002 12 links kathrijn hendrikje beeldverslagen armagh city waarom armagh de aanloop dublin '98 dublin '99 uilleann pipes
|
|
Zo, een van de laatste updates: het zit er alweer bijna op. Thirs gaat aanstaande zondag terug, ik volg twee weken later, als ik inderdaad de terugtocht geboekt krijg op zaterdag 11 september, anders gaan we vanaf die datum terugwerken. Op maandag de 13e weer aan de slag bij Twinspark, eeeeh, Agency. Voor degenen die het nog niet wisten: Twinspark is overgenomen door het Amerikaanse bedrijf Agency.com (je kan je hielen ook niet even lichten), er zijn allemaal collega's weggegaan en bijgekomen, de manier van werken is veranderd; het zijn drie drukke maanden geweest bij Twinspark, zo druk dat het bijna voelt alsof ik aan een nieuwe baan ga beginnen. Vreemd, maar wel een grote uitdaging en zo goed als alle veranderingen die ik tot nu toe via de e-mail heb mogen vernemen klinken erg positief. Ben benieuwd. We (!) zijn nu een van de leidende internet service providers ter WERELD (yesyes) met ongeveer 800 medewerkers en diverse vestigingen in Europa en Amerika. Kijk, dat klinkt... Over klinken: dat whiskey-glas waar ik het over had: gekocht! Jawel, twee zelfs. Genieten van een goede whiskey doe je het liefst in gezelschap en dan wil je natuurlijk de gast ook van zo'n mooi schouwspel laten genieten. Meer dan twee werd echter een beetje begrotelijk... Enneeeeee, ik rook nog steeds niet! Die euforie blijft nog steeds, al weet ik niet meer HOElang ik niet meer rook. En da's een goed teken. Tijdens de Ring of Kerry (wordt hieronder beschreven) zaten we in de bus voor en achter rokers die iedere pauze benutten om een peuk te roken. Pas als je zelf niet rookt merk je wat een enorme meur er om je heen blijft hangen als je net een peuk hebt weggewerkt. Ajakkiebah. Nou is het wel zo dat bekeerde rokers de minst tolerante niet-rokers zijn... Het is nog wat vroeg om terug te gaan kijken op ons verblijf hier, heb ik ook nog HE-LE-MAAL geen zin in: nog tweeenhalve week genieten: eind van de week eindelijk weer een les van Neillidh (hij is een tijd op vakantie geweest) en volgende week eindelijk een afspraak met Kevin Thompson, pipemaker. Ik heb Neillidh beloofd een stuk te schrijven over mijn verblijf in Ierland, vanzelfsprekend met de nadruk op muziek en pipes en hoe fantastisch Neillidh is ;-) en zal ook dat stuk naar jullie sturen. De ingredienten voor het stuk liggen echter nog op de plank te rijpen, het is even wachten op de muze om het allemaal netjes te mengen en mooi te garneren. Neillidh heeft namelijk beloofd dat het gepubliceerd gaat worden (waarin weet ik niet) en een stuk schrijven voor publicatie is toch wel wat anders dan een update. Wordt overigens m'n tweede publicatie over pipes. Jawel!!! De eerste was in 'Kelten', periodiek van de Stichting van Hamel voor Keltische Studies van de Universiteit van Utrecht en ik heb er zelfs fanmail over mogen ontvangen, hier in Dublin: mijn verhaal deed iemand aan een mooie ervaring in Ierland denken en ze stuurde me een kaartje om te bedanken. Dat doet een mens toch goed! We hebben ook ons laatste weekendje weg gehad: drie dagen naar Killarney, County Kerry. Je moet er wel wat voor overhebben: de bus vertrok om acht uur en we kwamen om kwart voor drie aan. Wel een erg mooie rit, via Limerick naar Tralee (van de Rose of Tralee: een Ierse schoonheidswedstrijd) naar Killarney. Stukje gelopen naar het hotel (Killarney Heights, ongeveer twee kilometer uit het centrum), spullen gedumpt en eerst een lekkere sandwich gegeten, Thirs had overigens chowder, een soort erwtensoep maar dan zonder erwten en met mosselen, garnalen en ander zeespul. Erg lekker. Na het eten zijn we Killarney zelf ingetrokken en het is een erg leuk stadje, vol winkels, restaurants, fietsverhuurwinkeltjes en inderdaad, waar iedereen ons al voor gewaarschuwd had, vol toeristen. Killarney is de toeristenhoofdstad van Ierland, in het hoogseizoen slapen er in het stadje dat qua grootte te vergelijken is met Abcoude 40.000 toeristen per nacht en B&B, rondritten en andere toeristendingen vormen de grootste bron van inkomsten. Het landschap is zo indrukwekkend dat het bijna on-Iers aandoet, de bergen doenje eerder aan de highlands van Schotland of de bergen van de Lofoten denken dan aan Ierland. Neillidh vertelde me dat in de rest van Ierland de grap gemaakt wordt dat ze in Kerry teveel land hadden en het toen maar opgestapeld hebben. Na wat rondgewandeld te hebben terug naar het hotel voor het avondeten. Wat mij erg tegenviel. Het hotel is fantastisch, de kamer prachtig, de omgeving rustig, het eten was alleen verschrikkelijk. Jullie weten dat ik wat eten betreft niet erg kieskeurig ben, maar hier was werkelijk alles foutgegaan: de gefrituurde camembertjes waren van binnen nog koud (duidelijk dat ze uit de vriezer kwamen), de 'rare' steak was 'extremely well done', de champignon-bushmills saus had geen bushmills gezien en was te scherp, de groente was te lang gekookt en en en en alles was veel te zout. Maar goed, dat kan gebeuren en het werd ruimschoots goedgemaakt door het fantastische ontbijt de volgende ochtend. Nou, ik (Thirs) vond het eten toevallig wel lekker: gevulde gerookte zalm, gegrilde zalm mjammie, mjammie..... We hadden op vrijdag voor de zaterdag twee plaatsen geboekt op 'The Ring of Kerry': een dagtocht die verzorgd wordt door verschillende busmaatschappijen. Het was ons door evenveel mensen aangeraden als afgeraden, we hebben het gedaan en het was prachtig. Als je er maar zo kort bent als wij: een absolute aanrader. Het is precies wat het zegt: een rondtocht door Kerry met als start- en eindpunt Killarney. Waarschijnlijk doordat het weer niet echt super was was het aantal bussen op de weg niet wat het op een mooie dag is: dan sta je van begin tot eind in de file, we konden nu lekker rustig doorrijden, zonder opstoppingen en waren weer prima op tijd terug. Stond de tocht in Donegal in het teken van Daniel O'Donnell, de countryzanger, de muziek tijdens deze tocht werd verzorgd door James Last inclusief Fischer Chöre die hun versie van Ierse evergreens lieten horen (tot in Sneem (of zoiets), daar kocht de chauffeur/gids een bandje van De Dannann) maar veel bezienswaardigheden werden gedomineerd door Daniel O'Connell, de Ierse vrijheidsstrijder. Tijdens deze tocht beseften we pas hoe goed Joe, de chauffeur van de Glendaloch-tour, was: hij begon een verhaal over een bezienswaardigheid die eraan stond te komen en precies op het hoogtepunt van zijn verhaal kwam het onderwerp van het verhaal in zicht. Bij deze tour moest je heel erg goed om je heenkijken om te ontdekken waar de chauffeur het precies over had. Gelukkig zei hij niet heel erg veel en liet ons voornamelijk van het landschap genieten, waar we inderdaad onze ogen vol aan hadden. Om een indruk te krijgen van het landschap moet je naar Ryan's Daughter (ook nog eens een fantastisch verhaal, erg goede, indrukwekkende film) kijken: is in County Kerry opgenomen. Een leuke anecdote werd verteld toen we langs een ruine kwamen: die stamt uit de dertiger jaren van deze eeuw. Een rijke lord liet toen een kasteel bouwen om de omgeving te laten zien hoe rijk en machtig hij was. De housewarmingparty werd echter iets te letterlijk genomen: het kasteel ging in de vlammen op en de ruine heeft er sindsdien gestaan. Dat is overigens een vreemde gewaarwording: in Ierland worden oude huizen niet afgebroken, ze laten ze staan totdat ze vanzelf instorten en het nieuwe huis wordt er gewoon naast gebouwd. Ook monumenten worden verwaarloosd totdat genoeg geld bijelkaar geschraapt is om ze te restaureren. En dat werpt weer een ander licht op mijn normaal wat sceptische kijk op de EU: veel monumenten, tentoonstellingen, nieuwe wegen en andere mooie en noodzakelijke dingen worden geflankeerd door grote plakkaten waarop staat dat de projecten mogelijk gemaakt zijn met financiering door de EU... Voor ondernemende zielen ligt hier in ieder geval een grote toekomst in duurzaam bouwen en andere milieuvriendelijke en -bewuste zaken: huizen netjes afbreken, materiaal (massa's leien daken en natuurstenen muren) hergebruiken. Het milieubewustzijn in Ierland valt flink tegen: glasbakken bestaan niet, oudpapiercontainers evenmin en wanneer je zelf een tasje bij je hebt bij de supermarkt word je erg vreemd aangekeken. Ook daaraan merk je dat het een land is dat in het recente verleden belangrijker aandachtspunten heeft gehad (zoals je brood verdienen) en nu het eenmaal in de lift zit zich op de meer luxueuze uitdagingen kan richten. Zijn we toch al aan een terugblik bezig. Genoeg, terug naar de Ring of Kerry. Aan de ene kant hebben we in Kerry de bloeiende toeristenindustrie, aan de andere kant hebben we hier de armste boeren in Ierland: de boeren wier enige bron van inkomsten nog steeds bestaat uit het steken van turf. Vlakbij onze lunchstop (ongelooflijk: een huisje ter grootte van een bescheiden schuur dat met een bezetting van drie, of waren het er vier, dames in no time hele busladingen van een lunch kan voorzien, zelden zo'n effectieve, goed geoliede en toch plezierig aandoende catering gezien) stond een van de laatste nog werkende op turf gestookte elektriciteitscentrales van Ierland. Dit stuk Ierland is speciaal fascinerend voor mensen die erg van tuinieren of gewoon van planten houden: door de lucht die van de warme golfstroom komt (hetzelfde geldt voor delen van County Wicklow) en in de dalen blijft hangen heerst hier een sub-tropisch klimaat. Erg vreemd om met zulke bergen op de achtergrond palmbomen, yucca's, weelderige hortensia's, wilde fuchsia's en irissen te zien. Prachtige tuinen, overvloedig en kleurrijk; zelfs de bermen zijn soms adembenemend. Het vervolg van de tocht bracht ons langs de kust, met daarvoor de eilandenmet de beroemde bee-hives, de kluizen van monniken die het vasteland van vroeg-Middeleeuws Ierland niet rustig en verlaten genoeg vonden, EN het eiland waarvandaan Sint Brandaan zijn reis begon. Via kleine slingerweggetjes langs de rand van een afgrond in een noodtempo door diverse dalen naar Sneem (het plaatsje waar James Last sneuvelde) en vanuit daar door naar een erg mooi uitzichtspunt in een van de nationale parken: Ladies View. Vanaf daar kijk je uit over de verschillende meren in het dal dat naar Killarney leidt. Eenmaal terug in Killarney een plekje gezocht om een simpel doch voedzaam maal te nuttigen, en gevonden. Nog nooit zoiets gezien: de naam ben ik vergeten, maar de subtitel was 'family restaurant'. En zo voelde het ook: de eetzaal zag eruit als een heel grote woonkeuken, met tafels met plastic zeilen eroverheen, tl-licht, kitsch waar ze kitsch kwijtkonden en bijzonder vriendelijke bediening. Ook het eten was erg aangenaam: Thirs had scampi's met chips en ik had rice'n chicken curry. Jummie. Het voelde erg huiselijk. De reden dat ik de avonden na het eten oversla is dat het eigenlijk iets is om je over te schamen: wat we beide avonden gedaan hebben is op de terugweg naar het hotel bij een supermarkt langsgegaan, lekkers gekocht en de hele avond op onze kamer zitten snoepen en zappen. Vreselijk nietwaar? Maar wel lekker ontspannend, en daar ging het toch om? En NEE, we kopen geen TV wanneer we terug zijn. Hoe leuk het ook is om TV te kijken, het vreet tijd en wanneer je naar bed gaat voel je je vreselijk schuldig: een hele avond niets gedaan. Nu zit ik meestal tegelijk te computeren, dus zo erg is het niet. Wat ik wel een beetje zal missen is Friends, is toch wel een erg leuke serie. Maar als we terug zijn hebben we genoeg andere dingen te doen, dus we blijven TV-loos. De volgende en laatste ochtend in Killarney na een wederom heerlijk ontbijt op pad gegaan naar Muckross House: een landgoed in het nationale park bij Killarney. De wandeling erheen was 7 kilometer, alleen na anderhalf uur, een paar keer verkeerd gelopen en NOG vijf kilometer te gaan (door de regen) hebben we heel decadent een taxi gebeld. En toen waren we er in no-time. Mooi huis, mooie bomentuin, ERG mooi uitzicht. Het interieur was wisselend imposant, klinisch (de badkamer leek een beetje op de melkfabriek in het OpenluchtMuseum in Arnhem) en ronduit kaal. De heer des huizes was duidelijk geobsedeerd door hertegeweien, in de ontvangsthal hing zelfs een gewei van een allang uitgestorven Iers Reuzenhert, Joost mag wegen hoe dat daar gekomen is. Op de terugweg ons ook door een taxi laten rijden, bagage bij het hotel opgehaald en bij het busstation af laten zetten. Letterlijk, niet figuurlijk, de prijs viel zelfs erg mee. In Limerick werden we weer verrast door een extra nonstop-express-lijndienst naar Dublin, waardoor we redelijk bijtijds (ondanks enorme files voor Dublin) weer thuis waren. En dat was het laatste break-away weekend. De rest van de belevenissen in Dublin zal niet heel erg spectaculair zijn, maar er staan nog genoeg vermeldenswaardige dingen te gebeuren. Over een week of twee waarschijnlijk de laatste van de updates, acht in totaal.... ben benieuwd hoe dik de stapel is als je ze allemaal afdrukt, misschien is er wel een klein boekwerkje van te maken :-) liefs en knuffel van Paul en Thirs!
|